Elke aannemer kent het: de opdrachtgever wil nét iets anders dan afgesproken. Een extra muur hier, andere tegels daar. Maar als de eindrekening op de mat valt, begint de discussie.

Meerwerk is een van de meest voorkomende oorzaken van betalingsconflicten in de bouw. Gelukkig biedt de wet duidelijke spelregels, maar die werken alleen als je ze kent én volgt.


Wat zegt de wet?

Artikel 7:755 van het Burgerlijk Wetboek is duidelijk:

“In geval van door de opdrachtgever gewenste toevoegingen of veranderingen in het overeengekomen werk kan de aannemer slechts dan een verhoging van de prijs vorderen, wanneer hij de opdrachtgever tijdig heeft gewezen op de noodzaak van een daaruit voortvloeiende prijsverhoging, tenzij de opdrachtgever die noodzaak uit zichzelf had moeten begrijpen.”

Met andere woorden: je hebt als aannemer alleen recht op betaling van meerwerk als je de opdrachtgever van tevoren hebt gewaarschuwd dat het extra geld gaat kosten. Doe je dat niet, dan kun je achter het net vissen, ook al heb je het werk al uitgevoerd. Toestemming tot meerwerk betekent dus niet zonder meer toestemming tot een prijsverhoging.


De drie valkuilen

Valkuil 1: geen schriftelijke vastlegging

Meerwerk kan mondeling worden afgesproken, maar dan draag jij als aannemer de bewijslast: jij moet aantonen dat de opdrachtgever de opdracht heeft gegeven. Dat is in de praktijk lastig. Een WhatsApp-bericht, een e-mail of een kort handtekeningetje op een meerwerkopdracht scheelt enorm bij een conflict.

Valkuil 2: geen prijswaarschuwing

Dit is de meest onderschatte valkuil. Stel: de opdrachtgever vraagt jou halverwege de verbouwing om extra funderingswerk. Jij gaat aan de slag. Maar ben jij vergeten vooraf te zeggen wat dat kost? Dan loop je het risico dat de rechter oordeelt dat je geen aanspraak maakt op de meerprijs. De wet wil voorkomen dat opdrachtgevers achteraf worden verrast door een hogere rekening. Wie zonder waarschuwing factureert, heeft dat aan zichzelf te wijten.

Valkuil 3: vertrouwen op de opdrachtgever

Er is een uitzondering in de wet: als de opdrachtgever de noodzaak van een prijsverhoging ‘uit zichzelf had moeten begrijpen’, hoef jij als aannemer niet expliciet te waarschuwen. Maar wees daar voorzichtig mee, rechters leggen deze uitzondering beperkt uit.


Actuele uitspraak

In een recente zaak had een aannemer via WhatsApp een richtprijs afgesproken van € 22.000 tot € 24.000 voor een verbouwing. De opdrachtgever betaalde uiteindelijk al € 30.850, maar de aannemer stuurt aan het eind nóg een rekening van € 14.639 voor meerwerk.  Dat kantonrechter wees die extra vordering af.

De rechtbank oordeelde dat de aannemer haar vordering niet kon verhalen, omdat zij onvoldoende had onderbouwd dat er sprake was van meerwerk én ze had de opdrachtgever niet op tijd  gewaarschuwd voor een prijsverhoging.

De les is hard maar duidelijk: toestemming voor extra werk is niet automatisch toestemming voor een hogere prijs. Wie dat niet vooraf communiceert, staat achteraf met lege handen.


Een paar praktische regels

  1. Leg meerwerk altijd schriftelijk vast, ook als het ‘maar een kleine aanpassing’ lijkt. Een e-mail met bevestiging volstaat al.
  2. Noem de prijs vooraf, of geef op zijn minst een schatting. Wacht niet tot de eindafrekening.
  3. Ken het verschil tussen meerwerk en overschrijding van de richtprijs. Voor meerwerk en het overschrijden van een richtprijs gelden verschillende juridische regels.

 

Voorkom verrassingen

Meerwerk hoeft geen bron van ellende te zijn. Met de juiste vastlegging sta je sterk, ook als het tot een rechtszaak komt. Heb je vragen of een geschil met een opdrachtgever over meerwerk? Je kunt altijd bij ons terecht voor juridische bijstand.

Stel gerust je vraag aan ons

Heb je vragen over onze mogelijkheden of wil je graag vrijblijvend kennismaken? Neem dan telefonisch of per e-mail contact met ons op.

"*" geeft vereiste velden aan

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.